Categorie archief: Gebak

Winterwonderland Taart

Worteltaart Chocoladetaart Winterwonderland Koekjes

Ik maak in principe geen taarten in opdracht, maar voor mijn eigen vader maak ik natuurlijk graag een uitzondering! Hij had wat te vieren op het werk. Ik wilde graag helemaal los met de patisserie, geleerd bij de cursussen bij meesterpatissier Robèrt van Beckhoven, maar de collega’s wilden graag een gedecoreerde taart. Ik had al eens eerder een taart voor ze gemaakt, waarbij alle decoraties eetbaar waren, gemaakt van chocolaatjes, koekjes en cakepops. En zonder fondant. Ik zie in mijn omgeving toch steeds vaker, dat men de fondant grotendeels laat liggen. Daarbij is het best een duur ingrediënt, dus mijn streven was het om een gedecoreerde taart te maken, zonder fondant. Hij moest vooral lekker zijn!

En zo kwam ik op het idee, om de worteltaart nog eens te maken. Gedecoreerd met speculaaskoekjes. En zie hier het resultaat. De onderste taart is dus de worteltaart zoals eerder beschreven, de bovenste is een chocoladetaart, gevuld met pure chocoladeganache, roomkaascrème en amarenekersen en ook afgesmeerd met de roomkaascrème.

Qua decoratie had ik eigenlijk vrije hand. Wat het niet altijd makkelijker maakt! Ik heb gekozen voor een winterwonderlandthema, passend bij de tijd van het jaar. De koekjes zijn gedecoreerd met witte Royal Icing en geverfd met eetbaar zilverpoeder.

Worteltaart Chocoladetaart Winterwonderland KoekjesWorteltaart Chocoladetaart Winterwonderland Koekjes

 

Worteltaart

worteltaart

Heb je nog wat wortels over, nu Amerigo weer terug naar Spanje is? Dan kun je ze natuurlijk prima gebruiken in de hutspot, of zoals Harrie Jekkers zegt “Peen &Uien”. Ik prefereer echter dit heerlijke recept: Worteltaart!

Een jaar of 7 geleden proefde ik voor het eerst worteltaart. Ik moest natuurlijk meteen denken aan dat mopje over dat konijn, wat naar de bakker gaat…. “Vies, he”. Dus met enig argwaan probeerde ik een stuk. Maar ik was meteen verkocht. Er zijn uiteraard verschillende recepten, maar ze worden eigenlijk altijd gemaakt met gehakte noten. Meestal walnoten of pecannoten. Dit in combinatie met de geraspte wortel zorgt voor een grove structuur van de taart. De (wal)noten geven tevens een wat droog mondgevoel. Meestal wordt hij ook gevuld en afgesmeerd met een “cream-cheese-frosting”, oftewel een roomkaasglazuur. In mijn optiek MOET deze er ook bij. De zachte, zalvige, romige glazuur past perfect bij de grove, enigszins droge structuur van de taart.

Worteltaart

Ik heb al n paar verschillende recepten geprobeerd, simpelweg omdat ik het niet zo leuk vind om steeds hetzelfde te bakken, en dit is momenteel mijn favoriet! Hij komt uit het boek “Trendy Taarten” van de Zweedse Linda Lomelino.

Zij bestrooit de gehele taart nog met gemalen kokos. Ik heb in plaats van de kokos wat van het victoriamengsel overheen gestrooid, zie de abrikozenvictoriavlaai.

Worteltaart
8-10 punten

Ingrediënten:
Wortelbodem

150 gr boter
3 grote eieren
135 gr kristalsuiker
140 gr lichte moscovade- of basterdsuiker
1 theelepel vanillesuiker
180 gr bloem
2 theelepels bakpoeder
1 ½ theelepel zuiveringszout (baksoda)
1 theelepel kaneel
250 gr wortels, geschild en geraspt (ik heb hier paarse wortels gebruikt, gewoon omdat ik die toevallig had
100 gr walnoten, gehakt
175 gr appelmoes

Roomkaasglazuur:

100 gr boter, op kamertemperatuur
200 gr roomkaas, bv Monchou of Philadelphia (géén light!!! Dat bevat te veel water!)
210 gr poedersuiker
1 theelepel vanillesuiker

Victoriamengsel, zie abrikozenvictoriavlaai

Verder nodig: 2 of 3 bakvormen van 15 cm doorsnee

Werkwijze:

Wortelbodem:
Verwarm de oven voor op 175ºC.
Vet de bakvormen in en bestuif ze met bloem.
Smelt de boter en laat afkoelen.
Klop de eieren en beide soorten suiker tot een bleke, luchtige massa. Klop de boter en vanillesuiker er snel door.
Meng bloem, bakpoeder, zuiveringszout en kaneel en zeef dit mengsel boven het suikermengsel. Klop kort, tot het geheel nét een samenhangend beslag wordt.
Spatel wortels, noten en appelmoes door het beslag en verdeel het gelijkelijk over de twee of drie bakvormen. Bak de bodems in 35-45 minuten gaar. (Indien je drie bakvormen gebruikt, zal de baktijd wat korter zijn).

Roomkaasglazuur:
Klop de boter tot een bleke massa. Voeg de roomkaas toe en klop tot een glad, dik mengsel. Voeg poedersuiker en vanillesuiker toe en klop verder. Zet de glazuur een poosje in de koelkast.

Opbouwen:
Indien je twee bakvormen hebt gebruikt, snij dan beide bodems horizontaal in tweeën, zodat je vier dunnere taartlagen hebt.
Leg de eerste laag op een taartschaal en strijk er een gelijkmatige laag glazuur over uit. Herhaal dit met de andere lagen. Leg de laatste taartlaag erop met het snijvlak naar onderen.
Bestrijk de hele taart met de rest van het glazuur en strooi de kokos of het victoriamengsel erover.
Laat de taart nog even opstijven in de koelkast, dan kun je hem makkelijker snijden.

Worteltaart

Parijse Wafels

 

Parijse harde wafels

 

Zoals waarschijnlijk vele families, heeft ook mijn familie een aantal tradities met de feestdagen. Zo hadden allebei mijn grootmoeders hun vaste gerechten met de feestdagen. Het gekke en leuke aan tradities is, dat het op de een of andere manier ook niet verveelt, om weer hetzelfde voorgeschoteld te krijgen. Nee, ik kijk er ieder jaar naar uit!

Helaas zijn mijn grootouders er niet meer, maar mijn moeder, mijn zusje en ik houden de tradities in ere! Eén van die tradities is harde wafels. En deze werden niet eens door mijn oma’s gemaakt, maar door mijn opa! En niet te zuinig! Ieder jaar met Sinterklaas, kregen we als gezin een grote doos vol met harde wafels, waar we een paar weken mee vooruit konden. Dat is tevens een voordeel van deze wafels. Ze zijn niet alleen lekker, maar ook lang houdbaar. Ik herinner me ook, dat ik deze in de weken na Sinterklaas vaak meenam naar school ;-)

Opa heeft zijn recept gelukkig met ons gedeeld. Het is een eenvoudig recept, maar je kunt het deeg wel het beste even (bv. een nacht) laten rusten om op te stijven.

Ingrediënten:
500 gr zelfrijzend bakmeel (of 500 gr bloem met 10 gr bakpoeder)
250 gr roomboter
200 gr suiker
1 zakje vanillesuiker
2 eieren

Verder nodig: grof wafelijzer

Werkwijze:
Roer de boter met de suikers tot een zalvige massa. Voeg de eieren één voor één toe. Voeg het tweede ei pas toe, als het eerste goed is opgenomen. Zeef het bakmeel en meng door het boter-suiker-ei-mengsel. Maak van het deeg rolletjes en laat deze afgedekt opstijven in de koeling.

Bak de wafels goudgeel in het wafelijzer. Laat ze op een rooster afkoelen. Bewaar ze in een goed sluitende trommel .

Sinterklaaskoekjes

Sinterklaas en Piet koekjes

Naast mijn nieuwe blog WensKeuken ben ik ook de trotse eigenaar van WensKoekjes! Een eenmansbedrijfje waarin ik koekjes maak, gedecoreerd met Royal Icing. Bovendien geef ik workshops in het decoreren van koekjes. Ik wil dit blog ook gebruiken als verlengstuk van WensKoekjes en van de workshops, en beschrijvingen voor het bakken en decoreren van koekjes hierop plaatsen. Ik begin met koekjes, passend bij de tijd van het jaar: Sinterklaaskoekjes!

Een paar weken geleden kwam ik deze super leuke koekjesuitstekers tegen. Het zijn oorspronkelijk kabouteruitstekers, maar je kunt er uiteraard verschillende karaktertjes mee maken. Zo had ik meteen het idee, om er een Sint en Pietje mee te maken. Mocht je deze of soortgelijke vorm niet hebben, kijk dan eens naar een andere kabouteruitsteker, maar ook bijvoorbeeld een gingerbreadmannetje, een prinses, een beer, etc. Voor een Sinterklaashoofd zou je zelfs een ijsje(op z’n kop) kunnen gebruiken! Probeer eens met andere ogen naar een uitsteker te kijken. Je kunt er vaak mee mee, dan je denkt! En uiteraard zijn gewone ronde, ovale of rechthoekige koekjes ook prima te gebruiken, om een karakter op af te beelden.

Deze koekjes maak je als volgt:

Je hebt nodig:
Royal Icing in de kleuren
Zwart: 20 seconden consistentie, spuitmondje Wilton # 2
Rood: 20 seconden consistentie, #2 en #1 voor de mondjes van de Pietjes
Perzik: 20 seconden consistentie, #2
Bruin: 20 seconden consistentie, # 2
Paars: 20 seconden consistentie, #2
Geel: lijntjes consistentie, #1
Wit: 20 seconden, #2 + lijntjes #1 + stevige consistentie#3, # 101 en #65 of 66
Zwarte suikerparels voor de oogjes

Sinterklaas koekjes

Voor de Sinterklaasjes heb ik de uitsteker van het kaboutermeisje gebruikt. Begin met het gezicht met de perzikkleur. Plaats voor de oogjes twee zwarte suikerparels in de nog natte icing. Laat een half uurtje drogen. Ga in de tussentijd bijvoorbeeld verder met de Pietjes.

Ga vervolgens verder met de baard en de mijter. Laat weer even drogen en spuit dan de rode mantel. Zorg ervoor, dat de witte baard goed droog is, voordat je de rode mantel spuit, anders zal het rood overvloeien in het wit.

Piet koekjes

Voor de Pietjes ga je als volgt te werk: Ik heb de kaboutermuts voor het bakken rond afgesneden, om een muts te creëren. Begin ook hier met het spuiten van de gezichtjes en plaats de parels voor de oogjes. Spuit tevens 1 zwart laarsje. Het tweede laarsje spuit je pas, als het eerst is aangedroogd. Hierdoor zal de icing niet in elkaar overvloeien en blijf je een scheidslijn zien. Zoals je ziet, heb ik de bovenkant van het gezichtje schuin gemaakt, zodat het straks lijkt, alsof ze de muts scheef ophebben.
Ga verder met het paarse lijf en de muts. Laat dit ook weer eerst drogen en spuit dan de armpjes en de beentjes. Deze ook weer één voor één, zodat de scheiding zichtbaar blijft. Als je icing niet té vloeibaar is, kun je tevens een rand op de muts maken. Spuit tevens een rood mondje.

Sinterklaas koekjesDe volgende stap is het witte kleed van de Sint. Laat dit ook weer goed drogen voor je de paarse schoentjes maakt. Breng dan de gele details aan en als laatste de witte haren en snor. Dit doe je met spuitmondje #3.

Sinterklaas Piet koekjeBij het Pietje breng je ook eerste de gele details aan en de zwarte haren en als laatste spuit je de kraag in een zig-zagbeweging met spuitmondje #101 en de veer met #65.
De pakjes zijn allemaal gemaakt met de wet-on-wet-techniek. Terwijl de basis nog niet droog is, spuit je decoraties als stippen in een contrasterende kleur in de natte icing. Deze icing moet ook vloeibaar zijn, net als de basis. Met de gele en witte lijntjes-consistentie kun je dus geen wet-on-wet stippen maken. Voor n mooie ronde stip, houd je de spuitmond loodrecht boven je koekje. Voor een kleine stip laat je n kleine beetje icing erin “vallen”. Voor een grotere stip houd je je spuitzak stil, loodrecht boven het koekje en knijp je gewoon wat langer, zodat er meer icing uit komt. Maak vooral géén cirkel, maar houd je spuitmondje volledig op zijn plaats. Laat het pakje weer eerst drogen, voordat je de strik erop spuit.

En bovenal: Véél plezier en fijne pakjesavond allemaal!!

Biologisch voor dummies

Dadel bananenbrood

Met biologische eieren. Zo begon het bij mij een aantal jaren geleden, mijn ontdekkingsreis naar puur en eerlijk eten. Want wat is er nou gemakkelijker, dan het kopen van biologische eieren, als je je langzaam in de onbekende wereld van de biologische producten wilt begeven? Je betaalt een paar dubbeltjes extra en ervaart direct het verschil: heerlijke smaakvolle eieren, die je tevens een goed gevoel geven: “ik heb een bewuste keuze gemaakt”, ik geef die kippen een goed leven”!

“Biologisch voor dummies” noem ik het altijd. De eerste bewuste stap in een nieuwe wereld, die je zonder al te veel kennis kunt nemen. Je kunt het eigenlijk niet fout doen. Inmiddels ben ik wel al een stap verder en wil ik anderen graag helpen hun eerste schreden in de wereld van puur en eerlijk eten te zetten.

Mijn basis voor puur en eerlijk koken is o.a. al gelegd tijdens mijn studie aan de Hoge Hotelschool in Maastricht. Voor mij persoonlijk één van de mooiste steden van Nederland en de culinaire hoofdstad! Toch heb ik voor mijn gevoel pas de afgelopen twee jaar écht leren koken. Door middel van de sociale media, met name Facebook, kwam ik in contact met een nieuwe manier van koken en eten. Het eten waar wij als mensen eigenlijk voor gemaakt zijn. Biologisch en puur natuur. Met minder vlees, minder suiker en tarwe, en met peulvruchten en superfoods. Ik ben me de afgelopen jaren meer gaan verdiepen in het nut van voeding voor de mens, en wat voeding voor je kan dóen. Niet meer alleen het sóórt voeding was belangrijk, maar ook de kwaliteit. En dan krijg je automatisch ook te maken met de herkomst van de producten. Zijn ze biologisch geteeld of gekweekt? Is het duurzaam gevangen of geproduceerd? Is het fairtrade? Waarbij ik me niet laat misleiden door “bewuste keuze-vinkjes”…

De laatste maanden heb ik mijn bak- en kookkunsten vaak getoond op facebook en twitter. Altijd kreeg ik lovende reacties en steeds vaker kreeg ik dan ook de vraag, nou ja, zelfs bijna het verzoek, om een blog te starten. Gesprekken gaan bij mij dan ook standaard binnen 5 minuten over eten ;-)
Nu ik ook steeds vaker vragen krijg over de producten die ik gebruik en de reden daarvan, realiseerde ik me ineens, dat het blog niet alleen voor mijn lezers/volgers, maar ook voor mijzelf een enorme ontdekkingsreis zou worden. En dat gaf voor mij echt de doorslag om er mee te beginnen. Ik ben namelijk nooit uitgeleerd. En dat geldt blijkbaar voor velen om mij heen.
Ik heb zelf de afgelopen jaren al enorm veel geleerd en deze kennis deel ik graag met anderen. “Food” is mijn grote passie. En ik geniet er maximaal van, als ik hoor, dat mensen geïnspireerd raken, hun eet- en kookwijzes veranderen en puur en eerlijk gaan koken, door informatie van mij. Dat vind ik echt te gek! Dat is echte “Blogpower”.

Dadel Bananenbrood

Omdat het starten van een blog wel voelt als een feestje, wil ik jullie trakteren op een recept van een eerlijk dadel-bananenbrood. Want fairtrade bananen is voor mij dan weer zoiets als fairtrade voor dummies.

Het recept komt uit het laatste kookboek van Delicious. “Lekker Thuis! “ Het is een heerlijk herfstig recept, door het snufje kaneel wat erin gaat. Het smeuïge brood, wat voor mijn gevoel meer lijkt op een cake, kan op elk moment van de dag gegeten worden. Als traktatie bij het late zondagochtend ontbijt, als 4-uurtje bij de koffie, of zelfs als dessert na een lichte maaltijd. Of gewoon, om van te genieten terwijl je de laatste recepten op mijn blog leest ;-)
Uiteraard met een Fairtrade kopje (biologische) koffie of thee erbij!

Voor 10-12 personen

Ingrediënten (gebruik zo veel mogelijk biologische producten):
1tl zuiveringszout of bakpoeder, gezeefd
300 g zure room
100 ml slagroom
125 boter, gesmolten, afgekoeld + eventueel extra zachte boter om erbij te serveren
250 fijne kristalsuiker (ik heb hiervoor fairtrade rietsuiker gebruikt)
2 (biologische!) eieren, losgeklopt
300 g bloem
1 tl kaneel
1 tl bakpoeder
2 grote overrijpe fairtrade bananen, geprakt
80 g ontpitte dadels, fijngehakt
20 gram geschaafde amandelen
Rauwe honing, voor erbij

Brood- of cakevorm: 28 of 30 cm x 12 cm, ingevet en bekleed met bakpapier

Werkwijze:
Verwarm de oven voor op 180 ºC.
Klop in een kom het zuiveringszout of bakpoeder met een snuf zout en de zure room door elkaar en laat dit 5 min. staan.

Roer de slagroom, de afgekoelde boter, suiker en eieren door de zure room. Zeef de bloem, het bakpoeder en kaneel en roer dit door het zureroommengsel. Roer dan ook de geprakte banaan en dadels erdoor.

Giet het beslag in de voorbereide vorm en bestrooit het met de amandelen. Bak het bananenbrood ca. 1 uur in de oven. Een in het midden erin gestoken satéprikker moet er droog uitkomen. Het mijne had nog 10 minuten extra nodig. Dek de bovenkant eventueel af met aluminiumfolie als het brood te snel donker wordt.

Laat het 10-15 minuten in de vorm staan en stort het dan op een rooster.

Serveer het dadel-bananenbrood warm of koud met boter en honing.

Een limburgse vlaai voor een Engelsman

Waar beter kan ik mijn eerste blogpost aan wijden, dan aan een authentieke Limburgse vlaai?
Vorige maand was mijn schoonzusje jarig. Zij woont in Noord Holland (waar mijn ega ook vandaan komt). Niet alleen dat, was een goede reden voor een Limburgse vlaai, maar ook het feit, dat haar Engelse vriend er was en wij hem mochten ontmoeten. Zo kon ik hem ook een stukje van de zuidelijke Nederlanden laten zien en proeven.

Abrikozen Victoria Vlaai

Ik ben een echte vlaaienliefhebber. Ik ben er ook echt mee opgegroeid. Wij woonden dan wel in Brabant, maar mijn roots liggen in Limburg, beter gezegd in Maasniel, kerkdorp bij Roermond. Iedere verjaardag, communie, kermis, Pasen of Kerst was er vlaai. Zowel in ons eigen gezin, maar ook bij de rest van de familie en bij mijn opa en oma. Mijn moeder en oma bakten ze ook altijd zelf. En ik mocht uiteraard helpen. Hele fijne herinneringen heb ik daaraan. Mijn oma was in april jarig, vaak rond Pasen. Wij hadden vroeger nog Paasvakantie (Mei- of HePi-vakanties waren er nog niet). Ik ging dan in de Paasvakantie een paar dagen bij mijn grootouders op vakantie en bakte dan samen met oma de vlaaien voor haar verjaardag. En dat was er niet 1 of zelfs geen 2, maar 7 of 8! Volgens goed Limburgs gebruik at iedereen dan ook zeker 2 of 3 stukken vlaai. Die goede oude tijd . ;-) Dat varieerde van vlaaien van gistdeeg en harde wenerdeeg tot linzendeeg (een soort koekdeeg). En van fruitvlaaien, tot puddingvlaaien, met deksel, latjes, kruimels, schuim, slagroom of glazuur. Alles kwam voorbij. Meestal bleef er wel een kleine hoeveelheid deeg over. ( Ik verdenk oma er zelfs van, dat ze daar met opzet voor zorgde). Daar maakte ze een klein eenpersoonsvlaaitje, tegenwoordig heel chique tartelette geheten, van, met een restje vulling. En als er geen vulling meer was, gewoon met wat jam. Of ze vouwde een envelopje van het deeg, met de vulling ertussen. En dat mocht ik dan helemaal alleen opeten! Speciaal voor mij gemaakt, dat voelde heel speciaal!

Dat ik een vlaai zou maken stond dus al snel buiten kijf. De grote vraag was toen wel, welke?
Ik kon zaterdag pas later op de avond beginnen met bakken, omdat we overdag een feestje hadden van het werk van Peter. Maar het leuke aan vlaaien is ook wel, dat ze over het algemeen niet erg bewerkelijk zijn. Je hebt al snel een overheerlijk resultaat. Ik had afgelopen zomer al een paar keer een (aardbeien)vlaai gemaakt met harde wener deeg en vorige week nog een appelvlaai met gistdeeg. Daarom koos ik nu voor linzendeeg. Ik hou nu eenmaal van afwisseling. Het voordeel van linzendeeg is, dat het niet hoeft te rijzen en je hebt er geen gist voor nodig, wat je wellicht niet altijd in huis hebt. Het moet echter wel even koelen, om goed uit te kunnen rollen.

Abrikozen victoria vlaai

En dan de vulling. Het moest het liefst een redelijk authentieke vlaai worden. Dus pudding of abrikozen leek me wel geschikt. ”Pudding” is Limburgs voor banketbakkersroom. Maar ik had ook nog een emmertje abrikozenmousse staan. Bij ons in Limburg kun je abrikozenmousse kant en klaar krijgen, bij o.a. een Boerenbond, of een bakwinkel, zoals De Bakwinkel in Maasbracht. Lang houdbaar en ideaal voor op vlaaien. Er is ook zwarte pruimenmousse, mijn persoonlijke favoriet! Niet iedereen is fan van zwarte pruimen, dacht ik, maar abrikozen lust volgens mij wel iedereen. Oke, dus dat zou het worden. Nu de topping.

Ook daar weer verschillende mogelijkheden: deksel, latjes, kruimels, slagroom, glazuur. Simpelweg omdat ik een grote fles slagroom aangebroken in de koeling had staan, besloot ik slagroom te gebruiken. En de meesten Engelsen zijn volgens mij niet vies van een beetje “cream”. Maar omdat slagroom ook maar gewoon slagroom is, heb ik er nog een victoriamengsel overheen gestrooid. Een Victoriamengsel is niets anders, dan gehakte, gesuikerde, gebrande nootjes, soms alleen amandelen. Het knapperige van de nootjes smaakt heerlijk als tegenhanger van de romige slagroom en zachte abrikozenmousse. Je kunt het victoriamengsel prima maken, terwijl het deeg in de koeling ligt te rusten.

Voor een vlaai van 28-30cm (10-12 personen):
Ingrediënten:

Voor het linzendeeg:
300 gram zelfrijzend bakmeel
170 gram redelijk koude boter
160 gram witte of lichtbruine basterdsuiker
1 klein ei (of ¾ van een groot losgekopt ei)
Rasp van 1 (biologische) citroen

Vulling:
1 kg abrikozenmousse *
*Indien je deze kant-en-klare abrikozenmousse niet kunt vinden, kun je hem ook zelf maken. Week 500 gram abrikozen gedurende 24 uur in lauw-warm water. Verwarm ze in het weekwater tot ze zacht zijn. Draai ze door een passe-vite (roerzeef) of maak er met de mixer een puree van. Pas op, dat je niet te veel vocht gebruikt. Het moet een stevige mousse zijn. Maak hem naar wens op smaak met suiker.

Topping:
250 ml slagroom
15-20 gram suiker

Victoriamengsel:
100 gram noten
100 gram kristalsuiker
½ eiwit

Optioneel:
Eigeel met n scheutje slagroom loskloppen voor het bestrijken van de rand.
Parelsuiker voor op de rand

Werkwijze:

Verwarm de oven voor op 200 ºC.
Meng alle ingrediënten voor het deeg met de hand, of met een mixer met klopper/bisschop.
Sla het plat tot een dikke plak en vouw het in huishoudfolie. Leg het deeg een half uur tot een uur in de koeling.

Hak de nootjes grof. Dit kan met een mes of met een keukenmachine.
Meng de nootjes met de kristalsuiker en het eiwit. Spreid het mengsel zo dun mogelijk uit over bakpapier, aluminiumfolie of een siliconenbakmatje en bak in de oven, ca. 15 minuten. Je kunt eventueel tussendoor omscheppen. Laat het mengsel afkoelen en breek in stukjes/kruimels.

Beboter de vlaaivorm goed. Eventueel bloemen kan ook geen kwaad. Hij zal daardoor beter uit de vorm komen. Ik gebruik voor linzenvlaaien het liefst vormen met uitneembare bodem, omdat de bodem wat breekbaar is. Rol het deeg uit tussen vershoudfolie en bekleed de vorm. Dit doe je door het deeg voorzichtig op te rollen op de deegroller en het boven de vorm weer af te rollen. Druk het deeg goed aan in de randen en hoeken. Rol met de deegroller over de rand om het overhangende deeg af te snijden. Bewaar dit voor een klein vlaaitje of envelopje voor de (klein)kind! Ze vergeten het nooit meer ;-)
Prik het deeg goed in met een vork.

Abrikozen victoria vlaai

Optioneel: Bestrijk de rand met het eigeel/roommengsel en bestrooi met de parelsuiker (ook verkrijgbaar bij De Bakwinkel ).

Vul de bodem met de abrikozenmousse en bak de vlaai ca. 30-35 minuten op 200 ºC. Haal de vlaai uit de vorm en laat hem afkoelen op een deegrooster.

Als de vlaai volledig is afgekoeld kun je de topping erop doen. Klop de slagroom stijf met de suiker. Ik maakte het bewust niet erg zoet, aangezien de vulling en het deeg als best zoet zijn. Bestrijk de vlaai met de slagroom met een spatel, of spuit hem erop d.m.v. een spuitzak, eventueel met gekarteld spuitmondje. Bestrooi met het victoriamengsel.