Categorie archief: Makkelijk

Makkelijke Frasiertaartjes

Makkelijke frasiertaartjes

Deze aardbeientaartjes zijn een makkelijke variant op de klassieke frasiertaarten met amandelbiscuit. Ook als je geen bakfanaat bent, kun je deze taartjes maken in een handomdraai. Ik maakte ze vanavond spontaan als dessert, gewoon omdat het zooo veel leuker is, dan een bakje aardbeien met slagroom! Ik kwam op het idee, omdat ik dit weekend een cake cadeau kreeg bij de Albert Heijn. Het was een citroenroombotercake en de frisse smaak van de citroen paste perfect bij de lobbige slagroom. Ik maakte het à la minute, maar het is uitstekend vooraf te maken, voor bij een diner met gasten bijvoorbeeld.

Dit heb je nodig voor 4 taartjes :
4 Bakringen (bv van Patisse)
Stevige folie voor in de ringen (bv van Patisse)

Ingrediënten:
1 kleine cake
300 ml Slagroom
2 eetl kristalsuiker
Verse aardbeien, deels gehalveerd.
Poedersuiker, ter decoratie
Takjes munt, ter decoratie
Eventueel amandelschaafsel, ter decoratie

Bereidingwijze:
Snijd 8 dunne plakken van de cake, < 1 cm dik.
Snijd er met een bakring cirkels uit.
Leg de ringen op 4 bordjes. Bekleed iedere ring aan de binnenkant met een strook folie.
Leg een plakje cake in de ringen en druk het zachtjes naar de bodem.
Zet rondom tegen de folie halve aardbeien, met het snijvlak aan de buitenzijde. Zet in het midden een aardbei en vul op met kleinere stukjes aardbei. De ring is nu ongeveer half tot tweederde gevuld.

Klop de slagroom stijf met de suiker. Hij moet echt stijf zijn, je weet wel, zodat je de kom op z’n kop kunt houden, zonder dat de slagroom eruit valt. ;-)
Doe de room in een spuitzak, knip het puntje eraf en vul de taartjes goed met slagroom. Probeer zo veel mogelijk de gaatjes tussen de aardbeien te vullen. Blijf een halve centimeter onder de rand van de ring. Leg dan weer een plakje cake erop en duw het licht aan. Smeer met een spatel nog een dun laagje slagroom op de cake. Zet minimaal 15 min. in de koeling om even op te stijven. Dit maakt het bovendien makkelijker om de ring van het taartje af te halen.

Haal de ringen van de taartjes, decoreer met wat kleine aardbeien en een takje munt, en eventueel wat amandelschaafsel. Verwijder de folie en bestrooi met wat poedersuiker, door middel van een zeefje. Serveer direct.

Makkelijke frasiertaartjes

Empanadillas met tomaat, paprika en tonijn

empanadillas met tomaat, paprika en tonijn

Vandaag een recept van een Spaans hapje, gewoon omdat dat nu extra lekker smaakt ;-)

Dit recept van gelauwerd kookboekenschrijfster Claudia Roden uit haar boek “De smaken van Spanje” stond vorig jaar om deze tijd in magazine Delicious. en sindsdien heb ik het al n paar keer gemaakt. O.a. de eerste keer in het vakantiehuisje in Drenthe, waarbij ik n wijnfles als deegroller gebruikte en de paprika’s roosterde in aluminiumfolie in een koekenpan op het inductiefornuis. Bij gebrek aan oven. (Ik ben zo’n kookverslaafde, dat ik dit soort dingen ook op vakantie ga uitproberen!) Daarna frituurde ik de pasteitjes in arachideolie. Oudejaarsavond maakte ik ze thuis, met een gewone deegroller en bakte ik ze af in de oven. Deze variant had duidelijk mijn voorkeur ;-)

Het is even werk, maar daarna heb je ook wat. Bovendien zijn deze hapjes prima voor te bereiden en koud te eten, of je warmt ze weer n paar minuten op in de oven.
Ik kan me deze empanadillas overigens ook prima voorstellen voor een lunch(buffet) met een salade erbij, of bij een picknick.

Voor 16-20 stuks
Ingrediënten:

Voor het deeg:
125 ml olijfolie + iets extra voor het bestrijken
125 ml droge witte wijn of 125 ml water, verwarmd
375 gr bloem
2 grote eidooiers, losgeklopt
Tevens nodig: uitsteker ca. 10 cm doorsnee. (Of n groot wijnglas, indien op vakantie..)

Voor de vulling:
1 rode paprika
½ rode ui, fijngesneden
2 el olijfolie
300 gr tomaten, ontveld en fijngesneden
100 gr tonijn (1 blikje, uitgelekt gewicht), fijn verkruimeld
14 ontpitte groene of zwarte olijven, in stukjes
2 el fijngesneden bladpeterselie

Bereidingswijze:
Maak eerst het deeg. Meng de olie, de wijn of het water en een halve theelepel zout in een kom met een vork en voeg beetje bij beetje genoeg bloem toe voor een zacht, glad en soepel deeg. Roer eerst met een vork en meng daarna met je handen. Je kunt het meteen verwerken of een dag in plasticfolie laten liggen. Maar houd het op kamertemperatuur en leg het niet in de koelkast.

Maak dan de vulling. Rooster de paprika en verwijder de vliezen en zaadjes. Zie hier, voor het recept voor het roosteren en ontvellen van paprika. Snijd ze in vierkantjes van 1,5 cm. Fruit de ui in een grote koekenpan op laag vuur heel zacht en roer vaak. Doe de tomaten erbij en laat alles zachtjes stoven tot het vocht verdwenen is en je de sissende olie kunt zien. Breng op smaak met peper en zout. Voeg de tonijn, paprika, olijven en peterselie toe. Meng alles goed en laat het afkoelen.

Verwarm de oven voor op 180ºC. Verdeel het deeg in 4-6 stukken. Rol elk stuk dun uit en steek zoveel mogelijk rondjes uit. Bestuif het aanrecht en de deegroller niet met bloem: het deeg heeft een oliebasis en plakt dus niet. Verzamel de afsnijdzels en houd ze apart. Maak er aan het eind een bal van, rol weer dun uit en steek er weer rondjes uit. Ga zo door tot het deeg op is.

Vul de rondjes deeg stuk voor stuk. Bestrijk de randen met wat dooier, dan plakt het beter. Dat kan met een wattenstaafje of met je pink. Schep steeds een eetlepel vulling op het midden en vouw dubbel tot een half maantje. Knijp de randen tegen elkaar. Leg de empanadillas plat en druk de randen aan met de tanden van een vork. Zo blijven ze beter dicht.

Bekleed een bakplaat met een vel aluminiumfolie en bestrijk licht met olie. Leg de empanadillas erop en bestrijk de bovenkanten met de rest van de losgeklopte eidooiers. Bak de pasteitjes ca. 30 min in het midden van de oven, of tot ze goudbruin zijn.

De gezonde, zonder zonde, bananencake

gezonde bananencake

Wie kent t niet? Een paar overrijpe zwart gespikkelde bananen op de fruitschaal. Ze zien er niet meer zo smakelijk uit, maar blijken wel juist super gezond te zijn. Een goede oplossing is dan om er iets lekkers mee te bakken, toch? Weggooien doen we tenslotte zo min mogelijk. Dat is zonde ;-) . Maar omdat de zomermaanden (bijna) zijn begonnen en de vakantie op de loer ligt, en ik bovendien zo gezond mogelijk wil eten, heb ik een gezonde variant bedacht op een bananencake. Met spelt- ipv gewone tarwebloem, met superfood kokosolie en kokosbloesemsuiker, die je bloedsuikerspiegel niet zo omhoog jaagt als geraffineerde suikers. Door de bananen blijft de cake heerlijk smeuïg en romig. Je kunt nog variëren op dit recept door pure chocoladestukjes of rozijnen toe te voegen aan het beslag. Wel de rozijnen eerst even in water (of rum ;-) )

gezonde bananencake

Ingrediënten:
150 gr speltbloem
100 gr spelt volkorenmeel
50 gr amandelmeel
2 tl bakpoeder
1 eetlepel kaneelpoeder
3 grote of 4 middelgrote rijpe bananen, enigszins geprakt
250 gr kokosbloesemsuiker
125 gr gesmolten, afgekoelde kokosolie
2 eieren
100 gr gehakte, gemengde noten

Bereidingswijze:

Verwarm de oven voor op 170ºC.
Vet een cakevorm van ca. 25 cm in en bekleed met bakpapier.

Meng bloem, meel, bakpoeder en kaneel door elkaar.
Klop in een mixer de bananen en de suiker luchtig. Meng de gesmolten kokosolie erdoor en dan de eieren. Meng alles door elkaar. Voeg het bloemmengsel toe en meng kort met de mixer tot een homogeen geheel. Het beslag is erg vloeibaar. Voeg als laatste de gehakte noten toe en meng deze met een spatel door het beslag. Giet het beslag in de vorm.
Bak de cake in ca. 1 uur en 25 minuten gaar. Test dit met een prikker of breinaald. De cake is gaar, als de prikker er droog uitkomt.

Heerlijk met een kop thee of bij een picknick aan het zwembad! Geniet!

gezonde bananencake

Indische quiche met gehakt en prei

quiche met prei en gehakt

Hallo, daar ben ik weer! Het was even wat rustig op Wens-Keuken.nl . Ik heb de afgelopen paar weken nauwelijks tijd gehad voor mijn blog, omdat manlief en ik druk bezig waren met het inrichten van een relax-/workout- en workshopruimte! Het stond al op de planning vanaf het moment dat we hier 6 jaar geleden kwamen wonen, maar nu is het er dan ook echt van gekomen! Vanaf nu ga ik dus ook workshops koekjes decoreren aan huis geven! Binnenkort zal de agenda online komen op WensKoekjes.nl.

Het was mei-vakantie en de kinderen waren een paar dagen bij mijn ouders logeren, zodat wij lekker door konden werken. En ineens wist ik niet meer, wat ik moest koken!! Zo stom! Bijna dagelijks bedenk ik wel iets om te koken, of zie ik een recept voorbijkomen wat ik graag wil maken, maar meestal moet ik mijn plan dan bijstellen, omdat het iets is, wat de kinderen niet eten. En nu kón ik helemaal los, en nu had ik een complete blackout. Bovendien wilde ik niet teveel tijd besteden in de keuken, of met boodschappen doen, omdat we nu eenmaal aan t klussen waren. Uiteindelijk dook ik vrij laat de keuken in en heb spontaan iets verzonnen, met de ingrediënten, die ik in huis had.
Het werd een quiche van bladerdeeg met gehakt en prei. Toen ik in mijn kruidenla dook, op zoek naar een passende smaakmaker, viel mijn oog op de garam masala kruiden van Jonnie Boer. Deze had ik pasgeleden gekocht (bij AH) en nog niet gebruikt. Die indische kruiden leken me ook iets wat de kids wellicht niet meteen zouden appreciëren, maar manlief en ik zeker wel. (He gelukkig, toch iets bedacht, voor de kinderloze maaltijd ;-) ) Het bleek een succes. We hebben gesmuld. En wat over was hebben we de dag erna opgewarmd voor de lunch. Gaat prima!

Lage vlaai-/taartvorm ca. 26-28 cm

Ingrediënten:
Beetje zachte boter om in te vetten
1 rol vers bladerdeeg of vier of 5 vellen uit de diepvries, uitgerold tot 1 grote plak.
1 el olijfolie
400 gr biologisch half- om halfgehakt
2-3 el garam masala kruiden (of naar smaak)
2 grote preien, in halve ringen gesneden en gewassen
1 ui, gesnipperd
4 eieren, losgeklopt
250 gr biologische crème fraîche
100 gram geraspte kaas, bv Emmentaler
Zout
Versgemalen zwarte peper

Bereidingswijze:
Verwarm de oven op 200ºC.
Beboter de vlaaivorm en bekleed hem met het bladerdeeg.
Verhit de olijfolie in een pan en fruit de ui licht aan. Voeg het gehakt toe en bak t rul.
Voeg de kruiden toe en roer het goed door het gehakt. De kruiden van Jonnie zijn zoutloos, dus je kunt t gerust hoog op smaak brengen, zonder bang te zijn, dat t te zout wordt.
Voeg de prei toe en bak deze 2 minuten mee. Breng op smaak met peper en zout.
Verdeel de vulling over het bladerdeeg in de vorm.

Klop de eieren los met de crème fraîche en de helft van de kaas en n beetje zout en peper.
Verdeel dit mengsel over de vulling. Strooi de resterende kaas erover en bak de taart af tot hij mooi goudbruin is en de vulling niet meer vloeibaar, ca. 25 minuten.

Ik serveerde er een salade bij van little gem en spinazie met n lichte honing-mosterddressing.
Eet smakelijk!

Sodabrood

Sodabrood
Het is bijna Pasen en als ik de nieuwsberichten mag geloven, besteden we dit jaar met zijn allen weer een hoop tijd en geld aan de Paasbrunch en –ontbijttafels. En wat is er dan ook gezelliger, dan een uitgebreid gedekte tafel vol met gezonde en misschien iets minder gezonde lekkernijen? Een van de lekkerste dingen bij het ontbijt is, wat mij betreft, toch wel vers zelfgebakken brood. Zooo veel lekkerder, dan afbakbroodjes van de supermarkt. En de geur van versgebakken brood trekt volgens mij iedereen aan, dus in no time zit iedereen aan tafel.
Mocht je niet zo veel tijd hebben om brood te bakken, of nog niet veel ervaring hebben met gist, dan is dit brood een echte uitkomst. Iers Sodabrood. Dit brood wordt niet met gist, maar met baksoda, oftewel natriumbicarbonaat gemaakt. Het hoeft hierdoor niet te rijzen en is snel gemaakt. Baksoda is te koop in bakwinkels, bij de drogist (maagzout) of bij de apotheek.

Je kunt het recept ook heel makkelijk aanpassen: Voeg bijvoorbeeld geraspte kaas en gehakte rauwe ui toe, of blokjes ham, of noten, of zoals ik heb gedaan, gehakte groene olijven en zongedroogde tomaatjes.
Je kunt 500 witte bloem gebruiken, maar ook de helft vervangen door volkorenmeel. Dat laatste heb ik in dit brood ook gedaan.
Gebruik wel karnemelk en geen gewone melk of water. Het baksoda heeft het zuur in de karnemelk nodig om zijn werk te kunnen doen!

Sodabrood

Ingrediënten:
500 gr witte bloem (of 250 gr bloem en 250 gr meel) plus extra om te bestuiven
1 tl natriumbicarbonaat/baksoda
1 tl zout
400 ml karnemelk

Bereidingswijze:
Verwarm de oven voor tot 200ºC en bekleed een bakplaat met bakpapier.
Doe alle droge ingrediënten in een grote kom en meng ze goed. Doe er dan de karnemelk bij en meng het tot een kleverig deeg. Leg het deeg op een licht met bloem bestoven oppervlak en vorm er snel een bal van. Druk de bal iets plat met je hand. Maak je hand eventueel nat, dan plakt het deeg niet zo aan je hand.
Leg het deeg op de bakplaat. Kerf het diep in kwarten in, net niet helemaal tot de onderkant. Bestuif met wat bloem.

Bak het brood 35-40 minuten totdat het gaar is en mooi goudbruin van kleur. Laat afkoelen op een rooster. Het sodabrood is het lekkerst als het binnen een dag gegeten wordt.

Recept is afkomstig uit “Bakken met Paul Hollywood”.

Frambozen-cakejes

Frambozen Amandel Cakejes

Deze cakejes zijn klaar in een handomdraai en dus ideaal indien je bijvoorbeeld spontaan bezoek krijgt, of spontaan zin krijgt in iets lekkers. Je hoeft er niet eens een mixer voor te gebruiken, alleen een kom, een garde en spatel. Ik heb ze gebakken in een siliconencupcakevorm. Hierin zijn bij mij de vormpjes iets kleiner dan van een normale cupcaketray. Ik haalde nu 12 kleine cakejes uit dit recept. De frambozen zijn heerlijk met de amandel, maar je kunt ze uiteraard ook vervangen door pruimen, perziken, bramen, blauwe bessen, kersen, of zelfs blauwe druiven of kruisbessen.

Voor 12 kleine of ca.9 grote cakejes

Ingrediënten:
5 eiwitten
150 gr boter, gesmolten
85 gr amandelmeel
185 gr poedersuiker, gezeefd, plus wat extra om te bestuiven
50 gr bloem
125 gram frambozen (of ander fruit)

Bereidingswijze:
Verwarm de oven voor tot 200ºC. (Heteluchtoven 180ºC)
Vet de (siliconen)bakvorm in.
Klop de eiwitten een paar seconden met de garde. Je hoeft ze alleen een beetje los te kloppen en te mengen, niet stijf te kloppen.
Doe het amandelmeel, de poedersuiker, de bloem en de boter erbij en klop alles lichtjes tot een cakebeslag.
Vul de ingevette vormpjes tot 2/3 met het beslag. Ik heb dit gedaan met behulp van een spuitzak.
Leg 3 frambozen op ieder cakeje. Bak de cakejes 25-30 minuten in de oven. Prik erin met een satéprikker. Als die er schoon uitkomt, zijn de cakejes gaar.

Laat ze heel even afkoelen. Haal ze uit de vorm en bestuif ze met poedersuiker.
Héérlijk bij een lekkere kop thee of koffie!

Recept is afkomstig uit “Wat Katie Eet” van Katie Quinn Davies.

Frambozen Amandel Cakejes

Visstoof zoals in Ancona – Brodetto all’Anconetana

visstoof
Eén van de dingen, die ik heel bewust vaker probeer te eten is vis. Ik ben er tegenwoordig dol op en ik zal in een restaurant ook vaker een gerecht met vis of schaal- en schelpdieren bestellen, dan een gerecht met vlees. Haast niet voor te stellen, dat ik tot mijn 18e geen vis lustte. Tot aan een vakantie met mijn toenmalige vriendje aan de Oostzee. Daar proefde ik vis, vers uit de zee en sindsdien ben ik verkocht. Mijn eigen kinderen houden er gelukkig ook van en dus staat het bij ons regelmatig op het menu. Het is licht verteerbaar, bevat gezonde vetten en is sneller bereid dan vlees. Alleen jammer, dat het zo prijzig is. Maar ach, daar zet ik later dan weer een vegetarisch gerecht tegenover en dan zijn we weer in balans!

Zoals jullie al wel gemerkt hebben, ben ik ook een grote liefhebber van de Italiaanse keuken(s). Én verslaafd aan kookboeken. Toen de AH laatst Italiaanse weken had, liep ik tegen een boek aan van Antonio Carluccio, “Mijn beste Italiaanse recepten”. En ik was meteen fan! Wow, wat staan er geweldige gerechten in! En allemaal even puur en natuurlijk, als we van de Italiaanse keuken gewend zijn. Het was moeilijk kiezen wat ik als eerste zou gaan maken, maar uiteindelijk viel mijn oog op een visstoof. De foto in het boek laat prachtige schelpen zien met mosselen, coquilles en tapijtschelpen. Daar val ik als n blok voor. Graag had ik ook zo’n foto geplaatst. Maar dat kon ik mijn kindjes toch niet aandoen, van die gekke beestjes in hun bord. Ik heb het gerecht dan ook bereid met witvis als kabeljauw en pangasius en met garnalen. Het ziet er misschien iets minder spectaculair en bourgondisch uit, maar het was evengoed heerlijk! Je proeft de uien goed en dat geeft het gerecht een hele eigen smaak. Serveer er een lekker zuurdesembrood bij om de saus op te soppen!
visstoof

Voor 4-6 personen

Ingrediënten:
1,2 kg gemengde verse vis, schoongemaakt
500 gr verse tapijtschelpen, mosselen, st. jakobsschelpen en garnalen
5 el olijfolie
1 grote ui, gepeld, in dunne ringen
3 tenen knoflook, gepeld, fijngehakt
3 el tomatenpuree, of 4-5 verse tomaten, fijngehakt
Snufje gedroogde chilivlokken
Zout en versgemalen zwarte peper
3 el grofgesneden peterselie
2 el witte wijnazijn
4-6 sneden lekker zuurdesembrood, geroosterd
Extra vergine olijfolie om te besprenkelen

Bereidingswijze:
Fileer de vis en verdeel ze in éénhaps porties; laat kleine exemplaren heel. Borstel de schelpen af en maak ze schoon.

Verhit de olijfolie in een grote pan, voeg ui en knoflook toe en smoor ze glazig. Roer de tomatenpuree verdund met wat water, of de tomaten, en de chilivlokken door de ui. Breng aan de kook en laat de saus 10 minuten zachtjes sudderen; roer af en toe. Breng op smaak met zout en peper.

Leg eerst de grote stukken vis in de saus, gevolgd door de schaal- en schelpdieren. Laat alles 5-8 minuten sudderen tot de vis gaar is en de schelpen open zijn, voeg de peterselie en de wijnazijn toe en schep alle losjes om.
Serveer dit gerecht met het geroosterd brood, dat je eventueel in het bord legt, of er apart bij geeft. Sprenkel nog wat extra vergine olijfolie op het gerecht voor nog meer smaak.

Gekarameliseerd witlof met serranoham

gekarameliseerd witlof

Is het je wel eens opgevallen, dat Nederland zo’n beetje het enige land ter wereld is, waar twee keer per dag brood gegeten wordt? En dat terwijl de alternatieven zo veel lekkerder zijn! En dan ook niet eens het lekkerste brood. Niet van dat stevige smaakvolle (zuurdesem)brood wat je in bijvoorbeeld Italië of Frankrijk krijgt. Nee, van dat slappe super luchtige brood, waar je 10 sneeën van op kunt en nog honger hebt. Ik probeer steeds vaker zelf brood te bakken, maar heb er ook niet elke dag of week de tijd voor. Tegelijkertijd probeer ik wel om minder brood te eten, want dat zou gezonder zijn volgens de nieuwe voedingsleren. Ik ontbijt vaak met havermout of quinoa en zoek alternatieven voor de lunch. En dat is helemaal niet zo moeilijk als je soms denkt. In het voorjaar en de zomer eet ik graag een salade, en in de winter eet ik bijvoorbeeld een groentegerecht, wat ook als bijgerecht of voorgerecht bij een diner zou kunnen dienen. Zo ook dit witlofgerecht. Een gerecht met de traditionele combinatie witlof, ham en kaas, maar net even anders.

Als bijgerecht kun je 1 stronk witlof, dus twee helften, per persoon rekenen. Als lunchgerecht drie of vier helften. Je kunt het ook heel goed van tevoren klaarmaken. Zet het klaar in een ovenschaal en pas in de oven vlak voor je het gaat opdienen.

Voor- of bijgerecht voor 6 personen

Ingrediënten:
6 struikjes witlof, overlangs doormidden gesneden
40 gr boter
4 tl fijne kristalsuiker
50 zuurdesembroodkruim (ik heb dit vervangen door havermout)
70 gr Parmezaanse kaas, vers geraspt
2 el tijmblaadjes
120 ml slagroom
12 dunne plakken serranoham
Olijfolie om te besprenkelen
2 tl fijngesneden bladpeterselie (naar keuze)
Grof zeezout en zwarte peper

Bereidingswijze:
Verhit de oven tot 200ºC. Karameliseer het witlof: dit zul je waarschijnlijk in 2 of 3 porties moeten doen, afhankelijk van het formaat van je grootste koekenpan. De halve struikjes moeten niet te dicht op elkaar in de pan liggen. Als je ze in 2 porties verwerkt, doe je eerst de helft van de boter met de helft van de suiker in de koekenpan en zet hem op halfhoog vuur. Roer alles door elkaar. Leg zodra de boter gaat borrelen 6 halve struikjes witlof op het snijvlak in de pan en bak ze in 2-3 minuten goudbruin. Je moet ze misschien iets aandrukken. Maak je geen zorgen als de boter bruin wordt.
Haal de struikjes uit de pan en verwerk de overgebleven 6 halve struikjes witlof op dezelfde manier met de resterende boter en suiker.

Bekleed een bakplaat met bakpapier en leg de struikjes lof erop met de gekarameliseerde kant naar boven. Bestrooi ze met wat zout en peper.

Vermeng het broodkruim (of havermout) met Parmezaan, tijm, slagroom, ¼ theelepel zout en royaal versgemalen peper. Verdeel dit mengsel over de struikjes lof en leg er een plak ham overheen. Zet de bakplaat 15-20 minuten in de oven tot het lof zacht aanvoelt als je er n spies in steekt. Serveer heet of warm, besprenkeld met wat olijfolie en eventueel bestrooid met de gehakte peterselie.

Bron: Ottolenghi Het Kookboek

gekarameliseerd witlof

Bladerdeeghapjes met spinazie-ricottavulling

spinazie ricotta chorizo
Ik ben echt dol op de combinatie van spinazie en ricotta, met knoflook en nootmuskaat, zoals ik die gebruik bij de cannelloni del nonno. Meestal heb ik wel wat vulling over. Buiten het feit, dat het uiteraard zonde is om het weg te gooien, vind ik het veel te lekker. Deze vulling is uitstekend geschikt om lekkere hapjes van te maken. Ik heb er ook al eens wentelteefjes van gemaakt. Hier heb ik twee verschillende varianten gemaakt, die heerlijk zijn als lunchgerecht, bijvoorbeeld met wat salade ernaast. Maar als je ze wat kleiner maakt, kunt je er ook prima een borrelhapje van maken.
Het recept voor de spinazie-ricottavulling vind je hier. Let op, deze hoeveelheid is dus bedoeld voor de cannelloni. Daar kun je heeel veeel hapjes mee maken!

Voor de bladerdeegbakjes heb ik de spinazie-ricotta gemengd met wat blokjes chorizo. Die blokjes vond ik in het koelvak bij de houdbare vleeswaren bij de AH.

spinazie ricotta chorizo

Ingrediënten voor 6 stuks:
6 Bladerdeeg vellen uit de diepvries, ontdooid. Dit duurt maar een paar minuten.
Ca. 100 gr Spinazie-ricottavulling (ik ben eerlijk gezegd vergeten te wegen…)
50 gr Chorizoblokjes kant-en-klaar, of een stukje chorizo in kleine blokjes gesneden
Ei-strijksel: wat ei of eidooier losgeklopt met een beetje room.

Bereidingswijze:
Verwarm de oven voor op 220ºC.
Vet een cupcaketray in. Bekleed een paar vakjes met een velletje bladerdeeg. Laat er telkens tussenin één leeg, zodat ze niet tegen elkaar aan liggen. Het deeg ligt wat over de rand.
Meng wat blokjes chorizo door de spinazie, maar houdt wat blokjes apart om bovenop te strooien.
Vul de bakjes met de vulling. Let op, dat je ze niet te vol maakt. Het bladerdeeg zet nog wat uit, waardoor de vulling omhoog gedrukt wordt. Strooi wat blokjes chorizo bovenop.
Bestrijk de randen van de gebakjes met een kwastje met wat ei-strijksel.
Bak de bakjes ca. 20-25 minuten in de oven totdat ze mooi goudbruin van kleur zijn.

Van de overige 4 bladerdeegvellen uit het pakje heb ik flappen gemaakt:

spinazie ricotta zongedroogde tomaatjes pijnboompitten

 

Voor de spinazieflappen heb ik de vulling gemengd met zongedroogde tomaatjes en geroosterde pijnboompitten. Lekker naar smaak ;-) De pijnboompitten kun je roosteren in een droge koekenpan tot ze goudbruin verkleurd zijn en heerlijk ruiken.

Bedek een bakplaat met bakpapier. Leg de vellen bladerdeeg erop.
Bestrijk de randen van een bladerdeegvelletje met wat ei-strijksel. Leg de vulling erop en vouw hem diagonaal dicht. Druk de randen aan met een vork, zodat ze goed dicht zitten. Bestrijk de bovenkant ook weer met ei-strijksel en bestrooi met sesamzaadjes.
Bak in de oven op 220ºC in ca. 20-25 minuten goudbruin.

spinazie ricotta zongedroogde tomaatjes pijnboompitten

Kippensoep en kippen-champignonragout

kippen-champignonragout

Afgelopen week waren allebei mijn kinderen ziek. Ik geloof, dat er verschillende griepjes heersen. Mijn meisje hoestte de longen zowat uit haar lijfje en mijn kleine manneke had oorontsteking. Zo zielig. Niks zieligers, dan zieke kindjes en je kunt zo weinig doen. Ik heb daarom gedaan wat ik kon doen en waar ik goed in ben: koken. Namelijk een aloud paardenmiddel: Verse kippensoep!
Het is geen fabeltje dat kippensoep een helende werking heeft bij griep en verkoudheid.
Op http://mens-en-gezondheid.infonu.nl/ziekten/106241-kippensoep-bij-griep-en-verkoudheid.html vond ik de volgende interessante uitleg:

“Het Joodse volk gaf eeuwen geleden al regelmatig hun kinderen een kop kippensoep bij ziekte. Dit was vele malen goedkoper dan het gebruik van medicijnen. Inmiddels is dit gebruik door velen overgenomen. Vaak wordt gedacht dat het een oud gebruik is dat achterhaald is, maar niks is minder waar. Uit onderzoek is gebleken dat kippensoep wel degelijk werkt bij griep en verkoudheid.

Maar hoe werkt dat dan? In kippenvlees bevindt zich een eiwit met het aminozuur cysteïne. Dit zwavelbevattende aminozuur werkt als antioxidant en verwijdert giftige stoffen uit het lichaam. Het helpt bij het onderhoud van het immuunsysteem. Ook verdunt cysteïne slijm waardoor dit makkelijker opgehoest kan worden of via de neus het lichaam kan verlaten. Virussen worden met het slijm snel verwijderd.

Groenten in de kippensoep werkt ontstekingsremmend. Gember werkt antiseptisch en ontstekingsremmend en is daarmee een prima middel bij griep en verkoudheid. Rode peper bevat de stofcapsaïcine dat het immuunsysteem versterkt. Knoflook en ui bevatten antivirale en antibacteriële eigenschappen. Kruidnagel is bacteriedodend en geeft een licht verdovende werking. Tomaten bevatten lycopeen die de witte bloedcellen beschermt.

Kippensoep onderdrukt ook nog eens de werking van witte bloedcellen die ontstoken zijn. Hierdoor wordt het hoesten verminderd. Daarnaast wordt kippensoep goed verdragen bij misselijkheid. Het is niet voor niks dat kippensoep al eeuwenlang een bekend medicijn bij griep en verkoudheid is.”

Het is ook nog eens een budgetvriendelijk gerecht. Ik kocht een soepkip bij de poelier voor €3,50. Daar heb ik de bouillon van getrokken. Bovendien heb ik het vlees van de botten gehaald en zowel bouillon als vlees gebruikt voor een goedgevulde ragout. Heerlijk met een pasteitje of met een broodje. Lekker vers en vele malen beter gevuld dan zo’n smaakloze ragout vol met E-nummers uit een blikje. En zo makkelijk te maken!

Ik zal je eerste het recept voor de bouillon geven, waar je natuurlijk een heleboel van kunt maken. Mocht je het niet allemaal meteen gebruiken, kun je het ook invriezen voor een later moment.

Ingrediënten voor ca. 4 liter bouillon:
1 soepkip
Koud water
2 winterpenen, in grove stukken
2 bleekselderijstengels, in grove stukken
1 prei, in grove stukken
¼ knolselderij, in grove stukken
2 uien, gehalveerd
Rozemarijn, paar takjes
Tijm, paar takjes
Laurier, enkele blaadjes
Kruidnagels ca. 4 stuks
Foelie, ca. 1 eetlepel
Peperkorrels, geplet
Zout

Bereidingswijze bouillon:
Zet de kip in zijn geheel in een ruime soeppan op het vuur met koud water. Zorg dat de kip helemaal onder water staat. Breng het geheel aan de kook.
Draai het vuur wat lager en laat pruttelen. Schuim regelmatig af, indien nodig. Dat kunt je het beste doen met een schuimspaan. Je schept het schuim eraf en dompelt de schuimspaan onder in een schaal met koud water, om het schuim ervan te verwijderen.
Als zich nauwelijks of geen schuim meer vormt, voeg je de groenten en kruiden en specerijen toe.
Laat dit zachtjes pruttelen voor 1,5 of 2 uur. Je zult zien, dat het vet boven komt drijven. Niet verwijderen! In dit vet zitten al die goede stofjes én smaak!

Giet de bouillon door een vergiet en gooi de groenten en kruiden weg. Zij hebben hun dienst gedaan.
Bewaar de kip en haal het kippenvlees van het karkas. Bewaar dit voor de soep en de ragout. Nu heb je een basisbouillon over, waar je van alles van kunt maken. Waarschijnlijk is hij nog niet voldoende op smaak, maar dat regel je als je er verder mee aan de slag gaat.

Ik heb er bijvoorbeeld kippensoep mee gemaakt:
Verhit wat olijfolie in een ketel. Fruit een gesnipperde ui aan. Voeg een flinke eetlepel kerriepoeder toe en bak deze even mee. Zo komen de smaken los! Voeg andere gesneden groenten toe naar smaak. Denk hierbij aan wat prei, bleekselderij, wortel, knolselderij, bloemkool, etc. Fruit deze even kort mee aan en voeg vervolgende de bouillon toe. Voeg wat kippenvlees toe. Laat even kort zachtjes koken, totdat de groenten wat beetgaar zijn. Je kunt er ook wat kleine (schelpjes)pasta bij doen. Breng op smaak met zout en peper.

Zoals gezegd kun je de bouillon kun je ook gebruiken voor een ragout:

Ingrediënten voor de ragout:
100 gr boter
100 gr bloem
1 liter koude kippenbouillon
Paar takjes tijm
25 gram boter
250 gram kastanjechampignons, in plakjes of partjes gesneden
1 el dillezaad en wat takjes tijm
Kippenvlees van het karkas van de soepkip
Peper en zout
Platte peterselie, fijngesneden

Bereidingswijze ragout:
Smelt de 25 gram boter in een koekenpan en bak de champignons, tezamen met de dille en tijm, in ca. 3 minuten goudbruin. Voeg de stukjes kip toe en bak deze ook nog 2 minuten mee aan. Breng op smaak met wat peper en een beetje zout.

Smelt de 100 gr boter in de pan. Voeg, als deze uit gebruist is, in één keer de bloem toe. Roer het met een houten lepel op laag vuur tot een roux. Voeg in kleine delen steeds een scheut koude bouillon toe. Wacht steeds met toevoegen van de nieuwe bouillon tot de oude is opgenomen door de bloem en een gladde massa vormt. Laat de ragout aan de kook komen, zet het vuur laag en laat in ca. 10 minuten onder regelmatig roeren garen.
Roer het paddenstoelen-kip-mengsel door de ragout en breng op smaak met peper en zout en de peterselie. Serveer in een pasteitje, in een uitgehold broodje of met een dikke snee zuurdesembrood.